Ik zal diëetregels naar beste weten en vermogen aanwenden tot heil der zieken, nooit tot hun verderf of schade. Ik zal niemand een dodelijk geneesmiddel toedienen, ook niet aan iemand die dit van mij vraagt; zelfs een aanwijzing in die richting zal ik niet verstrekken. Ik zal nooit aan een vrouw een middel toedienen ter vernietiging van ontkiemend leven. Ik zal mijn leven en mijn kunst steeds zuiver en rein bewaren. Ik zal geen operaties uitvoeren, zelfs niet bij lijders aan blaasstenen, maar ik zal dat werk aan deskundigen overlaten. In welk huis ik ook binnentreed, ik zal er alleen binnengaan om de zieken te helpen; nooit zal ik er willens en wetens enig onrecht doen, in het bijzonder mij nooit schuldig maken aan sexuele omgang met man of vrouw, vrije of slaaf. Ik zal, wat ik bij de uitoefening van mijn beroep ook zal horen of zien, of ook daarbuiten over het leven van mensen te weten kom aan dingen, die nooit bekend mogen worden, in stilzwijgen bewaren, en het beginsel hooghouden, dat dingen die mij zó bekend worden vallen onder de plicht van geheimhouding. Als ik deze eed trouw in acht neem en niet ontwijd, moge ik dan in mijn leven en in mijn kunst gezegend worden, en aanzien genieten bij alle mensen, te allen tijde, – maar als ik hem schend en meinedig word, dan wil ik het tegendeel ondergaan.                                     

Voor de dokter
Aandoeningen
Klachten
Bronnen
Methode
Nuttige links
Login
Contact
ADHD
Algemene informatie
adhd

Een beschrijving van gedragskenmerken die gezamenlijk niet als aandoening kunnen worden gekenmerkt bij gebrek aan substraat. Het gaat eerder om een cluster van eigenschappen die negatieve, maatschappelijke invloed hebben.

Tot 5% van de kinderen voldoet aan de DSM-V criteria voor ADHD.

Klik hier als u extra of andere informatie heeft
Bronnen
NHG-Standaard ADHD bij kinderen - 2014
Trimbosinstituut. Multidisciplinaire richtlijn ADHD bij kinderen en jeugdigen. 2007
Diagnose
  1. Ofwel Aandachtstekort, ofwel Hyperactiviteit

    • Aandachtstekort
      Zes (of meer) van de volgende symptomen zijn gedurende ten minste zes maande naanwezig geweest in een mate die onaangepast is en niet past bij het ontwikkelingsniveau:

      1. Slaagt er vaak niet in voldoende aandacht te geven aan details of maakt achteloos fouten in schoolwerk, werk of bij andere activiteiten
      2. Heeft vaak moeite de aandacht bij taken of spel te houden
      3. Lijkt vaak niet te luisteren als hij/zij direct aangesproken wordt
      4. Volgt vaak aanwijzingen niet op en slaagt er vaak niet in schoolwerk, karweitjes af te maken of verplichtingen op het werk na te komen (niet het gevolg van oppositioneel gedrag of van het onvermogen om aanwijzingen te begrijpen)
      5. Heeft vaak moeite met het organiseren van taken en activiteiten
      6. Vermijdt vaak, heeft een afkeer van of is onwillig zich bezig te houden met taken die een langdurige geestelijke inspanning vereisen (zoals school- of huiswerk)
      7. Raakt vaak dingen kwijt die nodig zijn voor taken of bezigheden (bijvoorbeeld speelgoed, huiswerk, potloden, boeken of gereedschap)
      8. Wordt vaak gemakkelijk afgeleid door uitwendige prikkels
      9. Is vaak vergeetachtig bij dagelijkse bezigheden

      Hyperactiviteit
      Zes (of meer) van de volgende symptomen zijn gedurende ten minste zes maanden aanwezig geweest in een mate die onaangepast is en niet past bij het ontwikkelingsniveau:

      1. Beweegt vaak onrustig met handen of voeten, of draait in zijn/haar stoel
      2. Staat vaak op in de klas of in andere situaties waar verwacht wordt dat men op zijn plaats blijft zitten
      3. Rent vaak rond of klimt overal op in situaties waarin dit ongepast is (bij adolescenten of volwassenen kan dit beperkt zijn tot subjectieve gevoelens van rusteloosheid)
      4. Kan moeilijk rustig spelen of zich bezighouden met ontspannende activiteiten
      5. Is vaak "in de weer" of "draaft maar door"
      6. Praat vaak aan een stuk door impulsiviteit
      7. Gooit het antwoord er vaak al uit voordat de vragen afgemaakt zijn
      8. Heeft vaak moeite op zijn/haar beurt te wachten
      9. Verstoort vaak bezigheden van anderen of dringt zich op (bijvoorbeeld mengt zich zomaar in gesprekken of spelletjes)

  2. Enkele symptomen van hyperactiviteit-impulsiviteit of onoplettendheid die beperkingen veroorzaken waren voor het zevende jaar aanwezig.

  3. Enkele beperkingen uit de groep symptomen zijn aanwezig op twee of meer terreinen (bijvoorbeeld op school (of werk) en thuis).

  4. Er moeten duidelijke aanwijzingen van significante beperkingen zijn in het sociale, school- of beroepsmatig functioneren.

  5. De symptomen komen niet uitsluitend voor in het beloop van een pervasieve ontwikkelingsstoornis,schizofrenie of een andere psychotische stoornis en zijn niet eerder toe te schrijven aan een andere psychische stoornis (bijvoorbeeld stemmingsstoornis, angststoornis, dissociatieve stoornis of een persoonlijkheidsstoornis
Klik hier als u extra of andere informatie heeft
Bronnen
GGZ-Richtlijnen - Multidisciplinaire richtlijn ADHD bij kinderen en jeugdigen (1.0) - 01-03-2007
Differentiaal diagnose

Dysmorfe trekken (congenitaal syndroom)
Normale ontwikkeling
Complexe psychosociale omstandigheden
Verminderde draagkracht ouders of school
Leerstoornis (dyslexie)
Verstandelijke beperking
Gehoor- of visusprobleem
Bijwerking (bèta-2-sympaticomimetica)
Slaapstoornis
Oppositioneel-opstandige stoornis
Normoverschrijdende gedragsstoornis
Angst- of stemmingsstoornis
Ticstoornis
Autisme
Middelenmisbruik

Klik hier als u extra of andere informatie heeft
Bronnen
Trimbosinstituut. Multidisciplinaire richtlijn ADHD bij kinderen en jeugdigen. 2007
Beleid

Lichte beperkingen

Uitleg. Bruisend of dromerig gedrag is niet ongebruikelijk.

Algemene opvoedingsadviezen (grenzen, consequentheid)

Opvoedondersteuning

Overleg op school

ADHD zonder comorbiditeit

Verwijzing is niet aangewezen

Stap 1. Voorlichting aan ouders en leerkrachten

Stap 2. POH-GGZ voor begeleiding

Stap 3. Medicatie (weinig wetenschappelijk bewijs)

Klik hier als u extra of andere informatie heeft
Bronnen
NHG-Standaard ADHD bij kinderen - 2014
Medicatie

Methylfenidaat 0,3 mg/kg dd in 2-3 giften

Verhoog op geleide van effect en bijwerkingen tot maximaal 2 mg/kg dd

Bij reboundklachten of therapieontrouw langwerkend preparaat. Controleer effect en werkzaamheid aanvankelijk tweewekelijks en vervolgens eens per half jaar (ook lengte, gewicht, tensie en pols)

Klik hier als u extra of andere informatie heeft
Bronnen
NHG-Standaard ADHD bij kinderen - 2014
Verwijzen

Kinderen < 6 jaar
Ernstig beperkt functioneren (schoolvermijding, schorsing)
Ernstige opvoedproblemen
Comorbide psychiatrische problematiek
Criminaliteit
Onvoldoende effect interventies plus medicatie

Klik hier als u extra of andere informatie heeft
Bronnen
NHG-Standaard ADHD bij kinderen - 2014